‘Je moet de bal eerst strelen, voordat je hem kunt slaan’

Botic en Sidney

Parool – Botic van de Zandschulp werd in december verrassend Nederlands kampioen in het enkelspel, én in het dubbelspel met tennistrainer Sidney de Boer. Martin Simek speelt op de achtergrond een grote rol.

Toen Robin Haase hem na de finale van het NK – 4-6, 7-6, 6-4 – aan het net een nogal slap en snel handje gaf om hem te feliciteren, wist Botic van de Zandschulp dat het goed zat. “Dat betekent dat ik in z’n hoofd was gekropen.” Haase is veruit de beste Nederlandse tennisser op de wereldranglijst, de nummer 58. Van de Zandschulp stond aan het begin van 2016 1180ste van de wereld. Aan het einde van het jaar was hij de nummer 402. Toch werd híj Nederlands kampioen.

Toen dezelfde Van de Zandschulp – die woont in Veenendaal – met zijn tennisvriend Sidney de Boer – uit Zaandam – ook in het dubbelspel op miraculeuze wijze de Nederlandse titel won door het veel hoger aangeslagen duo Wesley Koolhof en Matwé Middelkoop te verslaan, kon De Boer niet stoppen zijn dubbelpartner te knuffelen. Logisch: De Boer staat 1059ste in het dubbel. Van de Zandschulp 568ste.

De Boer is geen natuurtalent. Daarom had de tennistrainer maar één doel in zijn tennisleven: dubbelkampioen van Nederland worden. Een doel dat door anderen nooit serieus werd genomen. “Die titel was daarom echt magisch,” vertelt De Boer in het Frans Otten Stadion in Amsterdam-Zuid.

‘Martin praat veel buiten de baan. Op de baan praat hij zo min mogelijk. Dan laat hij je voelen’

Eigenlijk mochten ze helemaal niet meedoen aan de NK, omdat De Boer buiten de top 20 stond. Alleen met een wildcard konden ze tot het toernooi worden toegelaten. De Boer zat uren achter zijn computer op de F5-knop van zijn toetsenbord te drukken om zijn browser te vernieuwen en te zien of ze ingeloot waren. Van de Zandschulp wist al lang dat de wildcard binnen was, maar zei niets tegen De Boer. Ze moeten er nu nog steeds om lachen.

Botic en Sidney

→ Sidney de Boer (l) en Botic van de Zandschulp. ‘In het begin toen Martin bij ons op de baan stond, dacht ik: wat is dit voor verstrooide man? Maar nu ik de progressie bij Sidney zie, snap ik het.’ Foto: Mats Van Soolingen

Eerst zonder bal

Als tennisdubbel – en als interviewduo – vullen ze elkaar aan en hebben ze veel plezier samen. Het verbindende element en de inspirator in hun verhaal is de Tsjechische Nederlander Martin Simek, de excentrieke radio- en televisiemaker én tennistrainer. Simek (63) kan zelf niet meer alle slagen voordoen, maar weet zijn levenslange ervaring als tenniscoach nog steeds over te brengen. Ambitieuze tennissers vliegen regelmatig naar Zuid-Italië, naar het woeste Calabrië, om zich te laten bijscholen op hun moeilijke weg door de lagere regionen van het internationale toptennis, de futures en de challengers.

Anderhalf jaar geleden trok De Boer de stoute schoenen aan en ging naar Simek toe. “Martin, ik zou graag nog een goede tennisspeler willen worden.”

Simek vertelt vanuit Calabrië wat er daarna gebeurde. Hij moet eerst potlood en papier pakken, omdat hij tijdens het gesprek wil tekenen. “Sidney was al 24 jaar en ‘maar’ de nummer 50 van Nederland. Toen ik begon te werken met Michiel Schapers (uiteindelijk een van de meest succesvolle tennissers van Nederland) was hij 21 jaar oud en stond hij twaalfde van Nederland. Maar ik vond Sidney een leuke jongen. Ik heb hem eerst zonder bal laten tennissen en bewegen. Ik wilde zien of hij het talent van Johan Cruijff of René van de Kerkhof had. En Sidney bleek geen Cruijff.”

Water in een rivier

Toch was Simek ontroerd door de tennisliefde van De Boer, die alle boeken over tennis had gelezen. “Maar daar heb je niets aan,” zegt Simek. “Dat is alleen maar ballast. Daar word je gek van. Het is tweedehands kennis. Kennis moet je doorleven. Zoals Cruijff zei. Je gaat het pas zien als je het doorhebt. Dus heb ik een plan gemaakt voor Sidney. Ik wil dat hij een van de jongste coaches wordt die straks op de proftour tennissers gaat begeleiden. Sidneys grootste talent is bescheidenheid en incasseringsvermogen. Laatst zei hij dat het zoeken naar de juiste uitvoering van een tennisslag hetzelfde is als water dat zijn weg zoekt in een rivier. Dat is het belangrijkste wat hij tot nu toe tegen me gezegd heeft.”

Succes in het dubbelspel en een toekomst als coach komen voor De Boer steeds dichterbij dankzij de begeleiding van Simek. “Martin vindt dat je eerst de bal moet kunnen strelen, voordat je hard naar de overkant kunt slaan. Martin praat veel buiten de baan. Op de baan praat hij zo min mogelijk. Dan laat hij je voelen wat je beter moet doen. Bij de return maak ik een te grote achterzwaai. Dus knipte hij de snaren uit m’n racket en deden we een oefening waarbij de bal door mijn racket moest. Dan houd je wel op een achterzwaai te maken. Martin is een mentor voor mij. Hij traint mij op alle vlakken. Maar ik ben geen gelovige of zo. Dat hij een profeet is en ik hem aanbid.”

Van de Zandschulp onderbreekt hem hard lachend: “Een beetje wel! In het begin toen Martin bij ons op de baan stond, dacht ik: wat is dit voor verstrooide man? Maar nu ik de progressie bij Sidney zie, snap ik het.”

Carrière voorbij

De Nederlandse tenniswereld was in december vooral verbaasd over de manier waarop Van de Zandschulp Nederlands kampioen werd. Hij was zo zenuwachtig dat hij hoopte dat hij de toss zou winnen en Haase kon laten beginnen met serveren. Dat mislukte. Haase won de toss en liet slim zijn nerveuze tegenstander als eerste serveren. Van de Zandschulp leverde meteen zijn service in en werd pas rustig nadat hij zijn eerste game had gewonnen. Daarna ging hij steeds beter spelen en in de derde set vloog hij over de baan, terwijl hij de beste tennisser van Nederland van hoek naar hoek stuurde.

Simek

→ Martin Simek: ‘Ik heb een plan gemaakt. Ik wil dat Sidney een van de jongste coaches wordt op de proftour.’ANP Kippa

Twee jaar geleden nog leek de tenniscarrière van Van de Zandschulp voorbij. Hij had in een douche een virus opgelopen en kreeg allemaal blaasjes op z’n handen en voeten. Zijn handen begonnen te vervellen en hij kon geen racket vasthouden. Het gleed telkens uit zijn handen. Toen zijn handen eindelijk genezen waren, koos hij er in november 2015 voor om zijn tenniscarrière toch nog drie jaar de kans te geven. Hij traint nu met Bas Coulier bij Amstelpark en spart af en toe met De Boer en Simek in Amsterdam.

Als een liefhebber

Zijn held is de Spanjaard Rafael Nadal. Misschien mag hij tijdens het ABN Amrotoernooi in Rotterdam met hem trainen. Want de prestaties van de Nederlandse enkel- en dubbelkampioen zijn niet onopgemerkt gebleven. Hij heeft van toernooidirecteur Richard Krajicek een wildcard gekregen voor het kwalificatietoernooi.

Al bij hun eerste ontmoeting werd Simek betoverd door zijn talent. Als het aan Simek ligt, speelt Van de Zandschulp binnen een paar jaar Davis Cup voor Nederland. “Ik wist niet wat ik zag. Een soort Miroslav Mecir. Normale spelers oefenen slagen. Maar spelers als John McEnroe en Mecir hebben geen slagen. Die zitten aan de bal zoals een liefhebber aan de vrouw zit. Die raakt ze met aandacht. Niet met wellust, maar met gevoel voor de vrouw.”

Simek wacht op een seintje van Van de Zandschulp om hem te mogen coachen. Misschien dat hij komend seizoen kan doorstoten, zodat hij daarna kwalificaties voor een grand slam mag spelen. Simek: “Botic behandelt ook iedere bal met gevoel. Hij is een hele gevoelige jongen. Je ziet tegenwoordig veel aangeleerde spelers. Maar ik zie sinds die eerste ontmoeting iemand die op geheel eigen wijze tennist. Ik denk dat die jongen heel groot kan worden. Als ik met hem ga werken wordt hij snel top 100. Maar hij heeft me nog niet gevraagd.”

Geef een reactie